Hoeveel energie kan Nederland besparen? Deel 1

24 januari 2014 Mark van Baal

Hoe ver kunnen we ons energieverbruik terugdringen? TW zoekt het uit in een serie artikelen over besparing. Deze week de uitgangspunten.

In 2011 stelde Technisch Weekblad in een wekenlange serie artikelen de vraag: kan Nederland draaien op duurzame energie? Zou de fossiele energie die we dagelijks gebruiken (per persoon 2 kg steenkolen, 7 m3aardgas en 10 l aardolie) te vervangen zijn door duurzame energie uit zon, wind, water en aarde? Het antwoord was ja, maar dan staat een tiende van Nederland en een tiende van de Noordzee vol met windturbineparken, liggen alle daken en gevels op het zuiden vol zonnepanelen en zonnecollectoren, en staat driekwart van de Nederlandse landbouwgrond vol maïs, suikerbieten en snelgroeiende bomen om ethanol, diesel en biomassa te produceren.

Het vervangen van fossiele brandstoffen door duurzame energiebronnen zou een stuk eenvoudiger zijn wanneer we minder energie zouden gebruiken. Daarom vragen we ons in deze nieuwe serie af: hoeveel energie kan Nederland besparen bij een gelijkblijvend welvaartsniveau? Zoals we in 2011 een kolom (van 4.000 PJ of 185 kWh per persoon per dag) stap voor stap vulden met duurzame energiebronnen, gaan we deze kolom nu stap voor stap proberen te verlagen.

Om de Nederlandse economie draaiende te houden, gebruiken we volgens het CBS 4.000 PJ (1015Joule) per jaar, hetzelfde als toen we de eerste serie artikelen publiceerden. We rekenen net als bij die eerste serie de CBS-post ‘bunkers’, brandstoffen voor de internationale scheep- en luchtvaart, mee. Grofweg de helft van die energie komt uit aardolie, een derde uit aardgas en een tiende uit steenkolen. De resterende 7,5 % komt uit de kerncentrale Borssele (1 %), afvalverbranding (1,4 %), hernieuwbare energie (3,5 %), en is uit andere landen geïmporteerde elektriciteit (1,6 %).

Om een idee te krijgen waar we die besparingen kunnen halen, sommen we eerst op waar die 4.000 PJ aan energie wordt gebruikt. De Nederlandse industrie is met 31 % verreweg de grootste gebruiker: ongeveer de helft van de fossiele brandstoffen wordt niet als energiedrager maar als grondstof voor de chemische industrie gebruikt en eindigt in bijvoorbeeld plastics.

De scheep- en luchtvaart bunkert voor 720 PJ aan kerosine en stookolie op Schiphol, in de Rotterdamse haven en elders. Deze sector is daarmee een goede tweede met 18 %. De dienstensector inclusief de land- en tuinbouw volgt met ruim 14 %.

De energiesector, voornamelijk elektriciteitscentrales op steenkolen en aardgas, neemt een kleine 14 % voor hun rekening. Dat lijkt weinig, maar het gaat hier alleen om de conversieverliezen: de output van de centrales, elektriciteit en warmte, komt terug in de percentages van industrie, huishoudens, dienstensector en vervoer (trein, tram, metro, trolleybus en sinds kort auto).

De vervoerssector neemt 12 % van ons energiegebruik voor zijn rekening. De ruim zeven miljoen Nederlandse woningen vormen de kleinste energiegebruiker met 11 %, in de vorm van elektriciteit en aardgas.

De komende maanden gaan we kijken hoeveel we kunnen besparen in deze sectoren. Suggesties? Stuur een mail.

 

About The Author